De Noorder Rondritten worden sinds 8 januari 1940 georganiseerd. Eerst door de Noorder IJsbond, nu door de vereniging de Noorder Rondritten, waarin 29 verenigingen uit de hele provincie samenwerken. De tocht gaat over een afstand van 150 kilometer door het noordelijke deel van Groningen, het schitterende marengebied tussen Appingedam en Zoutkamp. Dit is een bijzonder oud cultuurlandschap. De Noorder Rondritten kunnen door tochtrijders over 150 of 85 kilometer verreden worden. Vandaar de naam. De Noorder Rondrit voor wedstrijdrijders is met 150   kilometer de langste klassieker na de Elfstedentocht. De eerste winnaar werd Gerrit Duiker uit Lemmer, die op 8 januari 1940 Klaas Horst en Jan Vos op dertig seconden reed. Duiker, enkele jaren geleden overleden in Zaandam, was een zeer kleurrijke figuur, die voor zijn overwinning in de Groninger monstertocht tal van kortebaanwedstrijden had gewonnen. Hij was dus volgens de reglementen van de schaatsenrijdersbond   beroepsrijder, omdat hij geldprijzen had gewonnen. Toen de Rondritten op 17 januari 1942 voor de derde keer werden gehouden hield men in Groningen als enige organisatie in het land rekening met de ijs van de schaatsenrijdersbond, dat amateurs en beroepsrijders niet tegen elkaar   mochten uitkomen. Zo won Anne de Vries uit Franeker bij de beroepsrijders en Lo Geveke uit Leeuwarden bij de amateurs! Beroepsrijder De Vries reed 13 minuten sneller dan Geveke. Vier jaar later troffen beide winnaars elkaar weer op het Groninger ijs, toen op 21 december de vierde Noorder Rondritten werden gehouden. De Vries was opnieuw de snelste. Hij klopte Geveke met drie minuten verschil. Deze Groningse tegenhanger van de Elfstredentocht kon zich in de jaren veertig gelijk in een grote populariteit verheugen. De eerste winnaar werd Gerrit Duijker, die tot dan toe een uitstekend kortebaanrijder was. Hij kwam oorspronkelijk uit Lemmer en overleed op hoge leeftijd in Zaandam, waar hij in de jaren zeventig nog met regelmaat de Gerrit Duijker Trofee uitreikte aan talentvolle jonge schaatsenrijders. Twee rijders slaagden er in de Noorder Rondritten tweemaal te winnen. In 1942 en 1946 was dat A.A. de Vries uit Franeker en in 1985 en 1986 herhaalde Albert Bakker, een onderwijzer uit Scharmer in Groningen, dit kunststukje. De meest heroïsche overwinning was echter voor schaatslegende Jan Uitham. Op 18 januari 1963 werd hij tweede in de gruwelijke Elfstedentocht en acht dagen later ging hij van start in zijn ‘thuiswedstrijd’, de Noorder Rondritten. Het weer was zo mogelijk nog slechter als tijdens de Elfstedentocht van dat jaar. De afstand moest worden ingekort tot 90 kilometer en toch had Uitham 5 uur en 4 minuten nodig om aan de finish te komen. Dat was een gemiddelde uursnelheid van 17 kilometer en 763 meter, waarmee deze race de traagste sinds jaren was. Record over de 150 kilometer is het record in handen van Albert Bakker, die op 19 februari 1985 4.47.33 over de totale afstand reed, wat een uurgemiddelde van 31 km 299 meter opleverde.

Noorderrondrit - Wedstrijd
Start en finish van de wedstrijd liggen in Baflo. De uiterste grenzen bereikt de tocht in Zoutkamp in het westen en Appingedam in het oosten. Ook Uithuizen wordt aangedaan en het Schildmeer bevindt zich in de route. Uithuizen en Appingedam zijn ook startplaatsen in de toertocht. Drie keer wordt het dorp Fraamkamp – het Bartlehiem van Groningen – gepasseerd. De start van de wedstrijd is om 07.15 uur. Dit vroege tijdstip is noodzakelijk, omdat de 10.000 tochtrijders daarna moeten vertrekken. De tochtrijders, die voor de 85 kilometer kiezen, kunnen ook vanuit Appingedam en Uithuizen starten.

Noorderrondrit - Toertocht
Start en finish van de wedstrijd liggen in Baflo. De uiterste grenzen bereikt de tocht in Zoutkamp in het westen en Appingedam in het oosten. Ook Uithuizen wordt aangedaan en het Schildmeer bevindt zich in de route. Uithuizen en Appingedam zijn ook startplaatsen in de toertocht. Drie keer wordt het dorp Fraamkamp – het Bartlehiem van Groningen – gepasseerd. De start van de wedstrijd is om 07.15 uur. Dit vroege tijdstip is noodzakelijk, omdat de 10.000 tochtrijders daarna moeten vertrekken. De tochtrijders, die voor de 85 kilometer kiezen, kunnen ook vanuit Appingedam en Uithuizen starten.

Iesbewies
In verband met de massale belangstelling van de schaatsliefhebbers moest de organisatie van de Noorder Rondritten er in 2002 toe overgaan een zogenaamd ‘iesbewies’ in te stellen. Dit inschrijvingsbewijs kost 10 euro en is geldig tot en met 1 december 2005. Alleen kaarthouders krijgen startrecht. De 160 kilometer toertocht was onmiddellijk volgeboekt met 2500 deelnemers. Maximaal worden er 10.000 iesbewiezen uitegegeven. De toertocht van 85 kilometer start vanuit Baflo (3500 rijders), Appingedam (2500 rijders) en Uithuizen (1500 rijders). De wedstrijdrijders moeten een KNSB-marathonlicentie kunnen overleggen. De organisatie van deze wedstrijd en de tocht vindt nimmer op zondag plaats.

Noorder Rondritten

Toertochtcode:

Gr 08

Provincie:

Groningen

Startplaats:

"Baflo (75, 150   km), Appingedam (75 km), Uithuizen (75 km)"

Afstanden:

75, 150 km. (150 km uniek)

Noorderrondrit - Bereikbaarheid
Startplaats Baflo ligt aan de provinciale weg N363 van Groningen naar Uithuizen. Vanuit Groningen neemt men op de rondweg de afslag richting Winsum. Baflo ligt enkele kilometers voorbij Winsum in het noorden van Groningen. De NS zet op de dag van de tocht extra treinen in op de lijn Groningen – Rodeschool.

Noorderrondrit - Winnaars vorige jaren

Heren:

 

1.

2.

3.

1940

G. Duiker

J. Vos Jzn.

K. Korst

1941

L. Geveke

A. de Vries

K. Korst

1942

A.A. de Vries

E. Drent

L. Geveke

1946

A.A. de Vries

L. Geveke

W. Verhoeven

1954

P. Kruger

J.J. v. Buren

J. Uitham

1961

A. Verhoeven

M. Wijnhout

W.H. Meijering

1963

J. Uitham

H.J. Havenga

J. Burema

1985

A. Bakker

L. Cazemier

J. Uitham sr.

1986

A. Bakker

D. Klein

A. Postmus

1987

H. Kiers

H. Ensing

P. Kleine

1997

A. Stam

H. Zandstra

H. van Benthem


Noorderrondrit
1997